dinsdag 17 februari 2009

Freek op het droge

Als altijd laverend tussen gevatheid en professorale ernst - en falend in beide - hield een hooggeleerde, voorzitter van het FransKellendonklezingorganisatiecomité, onze nationale cabaretier Freek de Jonge enkele pijnlijke minuten lang gegijzeld op het toneel van de Concertgebouw De Vereeniging. Hij wilde terugblikken op de zojuist door "De Jonge" gehouden Kellendonklezing, hem ervoor bedanken, wijs samenvatten, prijzen en zelf belangrijk zijn - en faalde in alles.

Maar dit terzijde. De lezing zelf - Freek wees halverwege het betoog op de stapel papier waaruit hij voorlas, "anders zou het geen lezing zijn" - was een briljante en ongrijpbare aaneenschakeling van verhandelingen, vertellingen, poëzie ("in het theater zou ik nu een klein applausje krijgen" wierp hij de muisstille zaal na voordracht voor de voeten), witzen, herinneringen, stekeligheden (waarbij vooral Erik [van Muiswinkel] het moest ontgelden), radicale oplossingen en pesterig-zweverige voorspiegelingen. Een verhaal over een wijze monnik vormde de kern: zijn antwoorden op werkelijk alle vragen waren op twee vingers te tellen: "Komt u volgend jaar maar terug" en "Geduld". Freek suggereerde dat in dat laatste een oplossing lag voor ons problematisch bestaan zonder mysterie.

Of vat ik nu net zo slecht samen als de hooggeleerde? Zonder tekst is het moeilijk praten en die tekst is er nog niet. Want waar we de andere keren na afloop van de Kellendonklezingen keurig de uitgesproken tekst uitgereikt kregen, moesten we het nu doen met de mededeling dat we er nog van zouden horen (daar gaat m'n twaalf-en-een-halve euro!). Een mooie inkopper voor de uitleidende professor was dat geweest: dat we geduld moesten oefenen. Maar hij kwam er niet op.

En al die tijd stond Freek in z'n krijtstreeppak met absoluut niet bijpassend overhemd helemaal ongelukkig te wezen op het toneel. Dat had de geleerde heer dan weer wél bereikt: een theaterdier zich ongemakkelijk laten voelen in zijn natuurlijke habitat...